V L D N

Jaarverslag 1999

1. Tijdens de bestuursvergaderingen bereidde het bestuur van de Vereniging het congres, de publicaties en de medewerking aan initiatieven van anderen voor. Daarenboven vergaderde het dagelijks bestuur nog enkele malen en werd er gewerkt aan enkele concrete projecten. De “Bibliografie Nederlands-Limburgse Naamkunde” werd verder drukklaar gemaakt. Zij verschijnt normaal in de zomer van 2000 in de reeks Bijlagen. De VLDN nam tevens het initiatief om samen met de Vereniging Veldeke en het Amt für Rheinische Landeskunde op 24 maart 2001 een symposium te organiseren over “Taal en volkscultuur aan Rijn en Maas na 1945’. De aanleiding is dat de VLDN 25 jaar bestaat en dat dit nagenoeg samenvalt met het 25-jarig bestaan van het Amt für Rheinische Landeskunde en het 75-jarig bestaan van Veldeke. Het dagelijks bestuur vertegenwoordigt de VLDN in de stuurgroep die dit symposium voorbereidt.

Tenslotte besliste het bestuur de reeks Mededelingen van de VLDN stop te zetten en een nieuwe publicatie op te zetten, nl. een Jaarboek van de Vereniging voor Limburgse Dialect- en Namkunde. Ook hiervoor waren enkele bijkomende redactievergaderingen nodig.

2. De activiteiten van onze vereniging zijn gericht op de beide Limburgen. Daarom bestaat het bestuur voor nagenoeg de helft uit Belgisch Limburgse en Nederlands Limburgse leden en wordt het congres afwisselend in Belgisch en in Nederlands Limburg gehouden. In 1998 werd het congres in Peer gehouden. Op 13 november 1999 kwam Valkenburg aan de beurt. In 2000 congresseren wij in Tongeren. Het wordt het 26ste congres en de VLDN zal dan 25 jaar bestaan.

3. Dienstverlening

Het secretariaat beantwoordde een aantal telefoons en brieven van onderzoekers, studenten en verenigingen die, zoals de vorige jaren, een beroep deden op de Vereniging voor problemen in verband met dialectologisch en naamkundig onderzoek. Tevens worden (bestuurs)leden geraadpleegd in verband met straatnaamgeving en/of zijn lid van de Provinciale Commissie voor Straatnaamgeving.

In het kader van de dienstverlening hielden een aantal bestuursleden ook lezingen en werkvergaderingen bij een aantal lokale verenigingen in Limburg.

4. Publicaties

In 1999 werden nog twee nummers in de reeks Mededelingen van de Vereniging voor Limburgse Dialect- en Naamkunde gepubliceerd, nl.

nr. 99: Patrick Slechten: Sjampe en verweite. Een verzameling Bilzerse scheldwoorden (deel 2, N-Z)

nr. 100: Jan Goossens: Bèèène en borre voor ‘branden’. Over r-meta-thesis in Limburg

Daarmee werd de reeks Mededelingen van de Vereniging voor Limburgse Dialect- en Naamkunde afgesloten. Het bestuur heeft beslist om een nieuwe vorm van publicatie op te zetten, nl. een Jaarboek van de Vereniging voor Limburgse Dialect- en Naamkunde. In het eerste nummer van 1999 verschenen na het Ten geleide van de voorzitter twee lezingen van het Congres van Peer en drie andere, interessante artikelen die in de loop van de vorige jaren elders verschenen in voor de leden niet direct bereikbare publicaties. In ruil voor de contributie ontvangen de leden vanaf 1999 het Jaarboek. Daarin vinden zij tevens het jaarverslag, een ledenlijst van de VLDN, een overzicht van de publicaties van de VLDN, een lijst van de VLDN-congressen en informatie over het lidmaatschap.

5. Congres van de Vereniging

Op 13 november 2000 hield de vereniging een druk bijgewoond en door de deelnemers erg gesmaakt congres in Grand Hotel Voncken te Valken-burg. Er waren een zeventigtal deelnemers. Over de inhoud van het congres wordt hierna een afzonderlijk verslag gepubliceerd.

6. Medewerking aan initiatieven van anderen

Zoals steeds nam de vereniging deel aan de Nederlandse Dialectendag, waarvan de 5de editie op 5 maart 1999 in Zwolle plaatsvond. Een aantal bestuursleden werkten actief mee aan de organisatie. Ondanks de voor sommigen ongelukkige datum en de verre verplaatsing waren nogal wat leden aanwezig. Onze publicaties vielen erg in de smaak, vooral het vade-mecum “Hoe maak ik een dialectwoordenboek?” en de verzamelbundel “Een Eeuw Limburgse Dialectologie”.

Onze Vereniging nam ook deel aan de Interlimburgse Boekenbeurs te Maaseik op 6 en 7 november. De verkoop was bevredigend en het was voor de VLDN een gelegenheid om nieuwe leden te werven.

Op 11 december 1999 organiseerde de vereniging Bilisium (met ons bestuurslid Patrick Slechten ) een symposium “Tesi Samanunga” (over de rol van Bilzen in het oude literaire en ambtelijke Nederlands). Hierbij had onze vereniging een belangrijke inhoudelijke inbreng. Patrick Slechten hield een inleiding tot het symposium, J. Goossens, J. Segers en T. Coun verzorgden een lezing.

7. Ledenaantal

Tijdens het voorbije jaar heeft het bestuur de inspanningen voortgezet om het ledenaantal minstens te behouden. Wanneer de contributie wordt ver-hoogd, kan dat tegenslaan. Toch valt dit mee. Er kwamen enkele afmel-dingen, maar ook nieuwe aanmeldingen.

Het aantal aangemelde leden was in 1998 lichtjes verminderd. Op het einde van 1999 hadden wij 162 aangemelde leden. Voor de ledenlijst: zie bijlage.

8. Personalia

In de loop van het afgelopen werkjaar overleed E. H. Guillaume Bollen, auteur van een idioticon van het Uikhovens en jarenlang lid van de VLDN.

Ons lid Frans Walraven werd geridderd en ons bestuurslid Herman Crompvoets kreeg de Rheinlandthaler van het Landschaftsverband Rhein-land (als derde lid van de VLDN, na J. Nijssens en F. Walraven).

9. Nieuwe initiatieven in voorbereiding

a) Een nieuw nummer in de reeks Bijlagen, nl. nr. 7: Bibliografie Limburgse Naamkunde (cfr. supra).

b) Het congres te Tongeren op 25 november 2000.

Het thema: “Taal en geschiedenis in het Land van Sente Servas.”

c) Verder bereidt de Vereniging mee groter opgezet symposium voor naar aanleiding van het vijfentwintigjarig bestaan van de Vereniging. Hiervoor wordt samengewerkt met partners uit Nederland (VELDEKE-Limburg be-staat binnenkort 75 jaar) en Duitsland (het Amt für rheinische Landes-kunde bestaat binnenkort 25 jaar).


FIXME

In het kader van de dienstverlening hielden een aantal bestuursleden ook lezingen en werkvergaderingen bij een aantal lokale verenigingen in Limburg.

4. Publicaties.

In 1998 werden weer vijf nummers in de reeks Mededelingen van de Vereniging voor Limburgse Dialect- en Naamkunde gepubliceerd, nl.

nr. 94 Jan Segers: Cuvelier en Huysmans 100 jaar later: Moet de toponymische studie van Bilzen nog geschreven worden?

nr. 95: Herman Crompvoets: Klank- en woordgeografie rond Venlo

nr. 96: Georg Cornelissen: Taal en onderwijs in Noord-Limburg in de Franse tijd (1794-1814)

nr. 97: Ward Van Osta: Venlo en andere lo-namen

nr. 98: Frens Bakker: Het Venloos en het Blericks, een stads- en een dorpsdialect in één gemeente

5. Congres van de Vereniging.

Op 14 november 1998 hield de vereniging een druk bijgewoond en door de deelnemers erg gesmaakt congres in ‘t Poorthuis te Peer. Er waren een zeventigtal deelnemers. Vier lezingen, een bezoek aan “De Reus van de Kempen” en het Preud’hommemuseum en de huishoudelijke vergadering vormden de voornaamste elementen van het programma. De lezingen - een korte, historische inleiding over de geschiedenis van Peer; een lezing over de persoons- en plaatsnamen van Kleine Brogel, een lezing over klank- en woordgeografie in Peer en zijn deelgemeenten en een lezing over de Ekselse klinkers tegenover die van de omringende dialecten - wekten veel belangstelling, niet alleen bij de deelnemers, maar ook bij de geschreven pers, bij de radio en bij TV-Limburg.

6. Zoals steeds werkte de vereniging mee aan de Brabantse Dialectendag op 10 oktober 1998 in Brussel. Dit heeft mede te maken met het feit dat het zgn. “mich-kwartier” (de driehoek Diest-Tienen-Zoutleeuw) zijdelings tot het werkgebied van de vereniging behoort. Een aantal (bestuurs)leden werken actief mee aan de organisatie en onze publicaties vallen erg in de smaak, vooral het vademecum “Hoe maak ik een dialectwoordenboek?”.

7. Ledenaantallen.

Tijdens het voorbije jaar heeft het bestuur de inspanningen voortgezet om het ledenaantal minstens te behouden. Wanneer de contributie wordt verhoogd, kan dat tegenslaan. Toch valt dit mee. Er kwamen enkele afmeldingen, maar ook nieuwe aanmeldingen.

Het aantal aangemelde leden was in 1997 lichtjes verminderd tot een 160-tal. Op het einde van 1998 hadden wij 169 aangemelde leden. Voor de ledenlijst: zie bijlage.

8. Personalia

In de loop van het afgelopen werkjaar overleden de leden J. Dreezen uit Oostende en H. Walschaerts uit Maaseik.

8. De vereniging bereidt een aantal nieuwe initiatieven voor:

a) Een nieuw nummer in de reeks Bijlagen, nl. een nr. 7: Bibliografie Limburgse Naamkunde (cfr. supra).

b) Het congres te Valkenburg op 13 november 1999.

Het thema: “Taal en geschiedenis in het Land van Valkenburg, mede in verband met de Landen van Overmaas.”

c) Verder denkt men aan een groter opgezet symposium naar aanleiding van het vijfentwintigjarig bestaat van de Vereniging. Hiervoor wordt samenwerking gezocht met partners uit Nederland (Veldeke bestaat binnekort 75 jaar) en Duitsland (het Amt für Rheinische Landeskunde bestaat binnenkort 20 jaar).

Na de lunch stonden de traditionele huishoudelijke vergadering, een bezoek aan het Gallo-Romeins Museum en aan de Onze-Lieve-Vrouwbasiliek op het programma.

Prof. dr. José Cajot wijdde de eerste middaglezing aan “De westgrens van het niet-polytone Zuid-Limburgse gebied”. De Limburgse polytonie of Rheinische Akzentuierung is een kenmerk van de Limburgs-Rijnlandse dialecten; zij treedt op bij vocalen in hoofdtonige lettergrepen. De spreker constateerde dat in een aantal plaatsen deze polytonie verdwene is – zonder dat er echter sprake is van een verlies van dialecticiteit (gebied van Zichen, Vroenhoven, Val-Meer, Kesselt, Wolder, Gronsveld, Eijsden, Moelingen). Dit toonverlies is vermoedelijk niet veroorzaakt door het toegenomen contact met het Algemeen Nederlands of door de nabijheid van de taalgrens. Indrukwekkende statistische gegevens tonen z.i. integendeel aan dat de polytonie bepaalde klankwijzigingen heeft bewerkt die op hun beurt distinctief geworden zijn; deze fonologische redundantie heeft vervolgens de polytonie opgeheven .

De laatste lezing van deze dag verzorgde dr. Joep Kruijsen, die handelde over “Romaanse elementen in Zuid-Limburg”. Romaanse elementen traden weinig op in de post-Romeinse periode (5de – 9de eeuw). Veel belangrijker was de ontlening van Romaanse woorden bij de opkomst van nieuwe technologiëen (molenaarstaal) en de organisatie van de kerkenbouw. Ten slotte onderzocht hij de naamgeving voor de koolmees, waarvoor 93 varianten in het Limburgse dialectlandschap zijn terug te vinden en die in sommige gevallen eveneens Romaans geïnspireerd is. Omstreeks 17.30 uur sloot de voorzitter dit geslaagde jubileumcongres af, waarna op het stadhuis een glas werd uitgeschonken – helaas in afwezigheid van enig vertegenwoordiger van het stadsbestuur.